Op zondag 7 december hebben er in Amsterdam wedstrijden plaatsgevonden tussen kendoka van onze sportschool en beoefenaars van de naginata. Er werden wedstrijden gehouden tussen kendoka onderling, naginatadoka onderling en tussen een kendoka en naginatadoka.

Naginata, is een zeer oude Japanse krijgskunst die zijn oorsprong vond op het slagveld tijdens de Nara-periode (710-784). De krijgskunst naginata heeft zijn naam te danken aan het gelijknamige wapen dat tijdens het gevecht gebruikt wordt. Dit wapen werd oorspronkelijk gebruikt door de infanterie. Het werd onder andere ingezet tegen de cavalerie: met de eerste slag trof men het been van het paard waarbij de ruiter van zijn paard viel, de tweede slag trof de vallende ruiter.

In reeds eeuwenoude bronnen worden verschillende beschrijvingen gegeven van de eerste naginata. Zo zijn er bronnen die beschrijven dat de naginata uit een hard houten staf bestond met daaraan een wakazashi (kort zwaard) verbonden. Andere bronnen vertellen ons dat de naginata afgeleid is van de Chinese bronzen hellebaarden, ook wel 'kwanto'. Over het algemeen kan gezegd worden dat de eerste naginata opgebouwd waren uit een twee meter lange hardhouten staf met daaraan verbonden een kort, aan één kant snijdend zwaard van ongeveer 40 cm. In sommige gevallen kon deze kling echter een lengte hebben van 60 cm tot meer dan één meter.

Vanaf de Heian-periode (784-1184) werd het hanteren van de naginata ook aan vrouwen en Yamabushi (krijgsmonniken met name in de bergen leefden) geleerd. Vrouwen konden zo het huis verdedigen in perioden van chaos. De krijgsmonniken werden al snel gevreesd met hun 'dodelijke' naginata. Toen in 1542 de vuurwapens hun intrede deden op het Japanse slagveld, kwamen het zwaard en de naginata op een tweede plaats. Toch verdwenen deze wapens niet van het 'strijdtoneel': aan het einde van de Tokugawa-periode (1600-1668) werd op tal van ryu (scholen waar men de krijgskunst kon leren) naast het trainen met het zwaard, ook met de naginata getraind.

In de naginata-sport bestrijdt men elkaar, net als vroeger op het slagveld, met een naginata. Het grote verschil met deze oorspronkelijke naginata is dat het tweede deel van de nu gebruikte wedstrijdnaginata van bamboe gemaakt is. De lengte van een wedstrijd-naginata is 225 cm. Het eerste gedeelte van de naginata, de staf, is 175 cm lang en het bamboe bovengedeelte is 50 cm lang. Door elkaar met dit deel te toucheren, kan men een ippon, een punt, behalen. Diegene die het eerst twee ippon maakt, heeft de wedstrijd gewonnen. Dit lijkt echter makkelijker dan het is, na het maken van twee ippon zijn vaak winnaar en verliezer zowel mentaal als fysiek uitgeput. (Bron: NNR)

Men draagt als kleding een witte keiko-gi (jasje) en zwarte hakama (broekrok). Men draagt ook beschermende kleding: men (helm), do (borstbeschermer), tare (heupbeschermer), kote (handschoenen) en sune ate (scheenbeschermers).